Verkeersregels
door: Eric
Op rotondes ga je dus met de klok mee
Foto: © Eric Krill
oordat je zelf gaat rijden in Nieuw-Zeeland is het verstandig deze regels goed door te nemen. Veel verkeersregels zijn hetzelfde,
alsmede de verkeersborden, maar een aantal voorrangsregels zijn heel anders. Met name de ‘kortste bocht heeft voorrang-regel’
gaat niet op in Nieuw-Zeeland. Kijk voor meer informatie op de website van de Land Transport Safety Authority.
Er wordt aan de linker kant van de weg gereden, kijk in het begin uit (als je geen ervaring hebt met een auto met het stuur aan de rechter kant)
dat je niet teveel met het linker wiel langs de berm rijdt. De zitpositie aan de rechter kant is voor velen erg wennen.
- Buiten de bebouwde kom is de maximum snelheid 100 km/h, tenzij anders aangegeven
- Binnen de bebouwde kom is de maximum snelheid 50 km/h, tenzij anders aangegeven
- Kom je een rond bord met rode rand met de letters ‘LSZ’ tegen, betekent dit dat de maximum snelheid in slecht weer (mist, regen, vorst, enz.) 50 km/h is. In normale omstandigheden 100 km/h, tenzij anders aangegeven
- Hakentanden zijn nergens op de weg geschilderd, dit zijn twee witte ononderbroken strepen. Een omgekeerd driehoekig bord met ‘Give Way’ erop geeft aan dat je voorrang moet verlenen aan al het overige verkeer (ook voetgangers)
- Veel highways in Nieuw-Zeeland zijn voorzien van bruggen. Veel van deze bruggen hebben maar één rijstrook voor twee richtingen. Weinig bruggen zijn voorzien van zgn. ‘passinglanes’ op de brug zelf. D.m.v. verkeersborden is de voorrang op zo’n brug geregeld. Nader de brug altijd voorzichtig en neem geen voorrang (ook al heb je voorrang) als dit niet nodig is. Kijk op Highway 6 (Greymouth – Hokitika) erg goed uit met het passeren van de bruggen. Bij een paar bruggen delen een trein en twee richtingen verkeer één rijstrook-brug. De trein stopt nooit!
- Op de paar kilometer snelweg (144 km totaal) is het niet toegestaan te stoppen, te fietsen, te lopen of om te keren. Bij het inhalen moet je je richtingaanwijzer aan doen en 3 seconden later pas van baan verwisselen
- Bij een stoplicht betekent rood stoppen, geel stoppen, tenzij het niet op een verantwoorde manier kan en groen doorrijden, maar bij afslaan voorrang verlenen
Weinig enkelbaans bruggen zijn voorzien van een passeerhaven
Foto: © Eric Krill
De volgende regels gaan over voorrang geven en krijgen op kruisingen zonder verkeerslichten.
Lees dit stuk goed door, het is namelijk anders dan in Europa!
- op een kruising of kruispunt heeft het rechtdoorgaande verkeer voorrang op het afslaande verkeer. Dit geldt alleen als je op een voorrangsweg rijdt.
- In Nieuw-Zeeland heeft verkeer dat de langste!!!! bocht maakt bij het afslaan voorrang op degene die de kortste bocht maakt. Dit is anders dan in Nederland, daar heeft de kortste bocht voorrang! Dit gaat ook op bij kruisingen voorzien van een stoplicht!
- Verkeer dat zich op de rotonde bevindt heeft voorrang. Tenzij anders is aangegeven.
- Op een gelijkwaardige kruising heeft het verkeer van rechts! voorrang, niet van links. Dit geldt alleen bij het rechtdoor rijden!
- Auto’s die op een weg rijden en links of rechts willen inslaan moeten voorrang verlenen aan alle voertuigen die uit deze straat of weg komen.
De mogelijke gevaren die je kunt tegenkomen op de wegen zijn:
- zijwaartse wind
- haarspeld bochten (bij bochten die met een lagere snelheid moeten worden genomen is een geel bord geplaatst met de adviessnelheid in km/h, dit is berekend op droge goede weersomstandigheden voor een personenauto)
- spoorwegovergangen (meestal onbewaakte en vooral ’s nachts slecht herkenbaar)
- dieren (meestal schapen en koeien, maar ook Possums en grote vogels)
- schoolbussen
- onverharde wegen
- wegversmalling
- lange bochtige stukken weg (vooral bergop en –af)
- wegwerkzaamheden
- gladde weggedeeltes, voornamelijk bij nat weer of vorst
- weggeslagen stukken weg, vooral in bergachtig landschap
- vallende stenen en brokstukken van bergen, meestal verboden te stoppen
Onverharde wegen is een van de gevaren die je zeker zult tegenkomen
Foto: © Eric Krill
Verder moet je natuurlijk stoppen voor een voetgangers oversteekplaats, ofwel zebrapad. Parkeren is anders dan in Nederland.
Bij de meeste parkeerplaatsen staat een klein blauw bord met een P erop. Daaronder staat een getal en een pijl. Het getal geeft
aan hoe lang je mag parkeren en de pijl geeft aan voor welke richting dat geldt. Meestal geldt de tijd voor maandag t/m zondag
van 08:00 uur tot 18:00 uur, tenzij anders aangegeven. Een parkeerschijf kennen ze niet. Je auto neerzetten en winkelen is dus
hetgene wat normaal is. Om de zoveel tijd komt er een parkeerwachter met een krijtje langs. Hij zet een kruisje op je band.
Als hij na de op het bord aangegeven tijd terugkomt en je auto staat er nog, dan heb je een boete te pakken. In veel kleinere stadjes
(Rotorua, Tauranga) moet je al parkeergeld betalen. NZ$ 3,- per 15 minuten, zoals je dat in Auckland vaak kwijt bent, niet, maar toch zeker $2,- per uur.
Omdat Nieuw-Zeeland voor het grootste gedeelte tweebaanswegen heeft moet voorzichtigheid worden betracht met het inhalen van voorliggers.
De meeste auto’s voeren overdag geen dimlicht, dus tegenliggers zijn over het algemeen slecht te zien. Ook laten de bochtige wegen het
meestal niet toe om in te halen. De kiwi’s hebben een oplossing bedacht voor dit probleem, te weten: als je een langzamere deelnemer bent,
moet je snellere deelnemers laten passeren. Dit doen ze meestal door uiterst links te rijden. Je hoeft dan niet helemaal op de andere (tegenliggende)
rijstrook te gaan om in te halen. Tegenliggers rijden meestal ook uiterst links als ze iemand zien inhalen. Kijk wel uit tijdens zo’n inhaalactie, want
niet iedereen gaat naar links. Ook zijn er vele ‘passinglanes’, vooral in heuvelachtig landschap. De weg wordt tijdelijk (max. 1 km) verbreed naar twee
rijstroken voor de rijrichting en zo kan je veilig inhalen.
Achter een vrachtwagen rijden is altijd vervelend. Op vlakke stukken rijden ze gewoon 100 km/h,
maar in de bergen en heuvels gaat het allemaal wat langzamer. Bedenk dat de chauffeur een professional is en de hele dag snellere deelnemers achter zich heeft.
Hij zal er in de meeste gevallen alles aan doen om je veilig te laten passeren. Ga niet te dicht achter een truck rijden en laat merken dat je er bent
(ga niet met grootlicht knipperen, dat werkt averechts). Hij of zij zal bij de eerste gelegenheid stoppen, uiterst links gaan rijden of een ander teken geven
(bijv. met zijn richtingaanwijzer) dat je veilig kunt inhalen. Een bedankje naar de chauffeur wordt altijd op prijs gesteld.
Door de vele heuvels in Nieuw-Zeeland kan dit wel eens voorkomen
Foto: © Eric Krill
Ben je zelf de langzamere verkeersdeelnemer, laat je niet opjagen en ga pas uiterst links rijden als het veilig is. Of de auto’s nou hier of over een kilometer
inhalen is niet belangrijk. Ga geen stunts uithalen op bochtige wegen, wacht gewoon tot de weg weer recht is.
Alcohol is niet toegestaan in het verkeer. De legale limiet is:
- 30 mg alcohol per 100ml bloed, voor bestuurders onder de 20 jaar
- 80 mg alcohol per 100 ml bloed, voor bestuurders die boven de 20 jaar zijn en buiten hun proeftijd (NZ-systeem, n.v.t. op nederlandse bestuurders)
- let wel dat geen enkele verzekeringsmaatschappij je schade dekt als je boven deze limiet een ongeluk veroorzaakt!
Verder is het verplicht een gordel te dragen. Als er achterin ook een gordel is gemonteerd, is dit verplicht hem te dragen.
Mocht je onverhoopt bij een aanrijding betrokken raken, dan is het systeem van afhandelen een beetje anders dan in Nederland. Raak je betrokken:
- bel de politie (in geval van ernstig letsel alarmnummer 111 bellen)
- registreer naam, adres en kenteken van alle betrokken voertuigen, eventueel getuigen, een speciaal schadeformulier is er niet
- Als je een dier hebt aangereden, waarschuw de eigenaar (boer bijv.) of bel politie of SPCA (Nieuw-Zeelandse dierenambulance)
Bezoeken aan Cape Reinga of Cape Farewell kunnen alleen via een 'unsealed road' worden gedaan
Foto: © Eric Krill
In de winter (april-september) is sneeuw en vorst zeker mogelijk in Nieuw-Zeeland. Mocht je in deze periode daar rijden, neem dan de volgende tips in acht:
- check de weersomstandigheden voordat je aan je reis begint. Maak per dag kleinere etappes en neem een doorgaande route.
- check of wegen open zijn. In de winter worden ook doorgaande routes soms afgesloten, als het onverantwoord is om te rijden, of als er lawinegevaar is.
- Pas de snelheid aan. Neem haarspeldbochten minstens 60% langzamer dan aangegeven als adviessnelheid.
- Controleer voor vertrek de remmen, ruitenwissers, accu, bandenspanning en de conditie van de banden.
- Neem extra kleren, handschoenen, dekens mee, mocht je vast komen te zitten of pech krijgen. Verlaat in geen geval je auto in geval van pech. Voorbijgangers stoppen 9 van de 10 keer om je te helpen.
Doorkruis alleen een kudde schapen als dit veilig kan
Foto: © Eric Krill
De laatste tips voor rijden in Nieuw-Zeeland:
- begin uitgerust aan je reis en rust in ieder geval een half uur, na elke twee uur rijden. Rij niet meer dan 6 uur op een dag en probeer met meerdere mensen te rijden.
- probeer zoveel mogelijk overdag te rijden. Er is geen straatverlichting langs de verbindingsroutes. Ook in de steden laat de verlichting te wensen over.
- Plan je reis vooraf en kijk natuurlijk waar de activiteiten te vinden zijn.
- 50 km/h te hard rijden betekent rijbewijs en auto inleveren. Ook als je een huurauto of –camper hebt.
- Langs de wegen zijn veel borden met lookout points. Bedenk op tijd of je hier wilt stoppen en geef tijdig richting aan. Bedenk dat degene achter je ook 100 km/h rijdt. Meestal is het naast de weg meteen onverhard, ook bij de lookoutpoints. Rij dus niet te hard van de weg, dit is slecht voor de auto. Frontale aanrijdingen, veroorzaakt door overzeese toeristen, zijn 9 van de 10 keer bij een lookout point. Kijk dus goed uit als je voor een lookoutpoint de weg moet oversteken.
- Rij maximaal 40 – 50 km/h op onverharde wegen. Matig je snelheid in de buurt van tegenliggers (opwaaiend stof en wegspringende steentjes). Rij zoveel mogelijk in het platgereden spoor en op je eigen weghelft. Denk ook om de bodemvrijheid van de auto. Vaak is een onverhard pad eigenlijk alleen geschikt voor 4x4 auto’s. Onzorgvuldig gasgeven zal leiden tot spinnende wielen en een niet in de hand te houden wagen. Mocht je in een slip terechtkomen op een onverhard stuk weg, rem dan niet plotseling. Voorzichtig remmen en voorzichtig sturen is beter. Rij heuvelaf zeer voorzichtig en rem op de motor i.p.v. met de remmen. Zet bij een automatische versnelling een lagere versnelling in.
- Omdat Nieuw-Zeeland een rijke veestapel heeft is het niet ondenkbaar dat je wel eens een kudde dieren op de weg kunt tegenkomen. Het is verplicht dat de boer aan de voorkant en de achterkant van de kudde een auto of quad heeft rijden met waarschuwingsborden. Is dit niet het geval of is een kudde losgeslagen, waarschuw dan de dichtsbijzijnde boederij. Vaak kun je rustig door de kudde heenrijden. Vooral schapen zijn bang en onvoorspelbaar, dus nader en passeer zeer voorzichtig.
- Sluit je auto altijd af en laat geen spullen in het zicht liggen, ‘Lock it or lose it’, zoals ze dat in Nieuw-Zeeland zo mooi zeggen.
- Maar bovenal, geniet van je reis en het uitzicht, het is de moeite waard.
Disclaimer: Deze informatie is met de grootste zorg samengesteld.
Eric Goes Kiwi aanvaardt echter geen enkele aansprakelijkheid voor de inhoud of de (on)juistheid van deze informatie.
Informeer voor exacte informatie bij de betreffende overheidsinstantie, de Land Transport Safety Authority www.ltsa.govt.nz